ACTUEEL
DE VERENIGING
MEET & GREET
WORD LID
CARRIERE
TIJDSCHRIFT
Openbaar vervoer moet aantrekkelijker
Zonder ingrijpende maatregelen raken openbaar vervoer en de fiets verder achterop. Dat heeft gevolgen voor de bereikbaarheid van stedelijke gebieden en van het platteland. Dat zal het tegenovergestelde brengen van wat een duurzaam mobiliteitsbeleid nastreeft, stelt de Raad voor Verkeer en Waterstaat in een advies aan demissionair minister Eurlings van Verkeer. Het rapport 'Wie ik ben en waar ik ga' gaat in op de effecten van veranderingen in demografie en leefstijlen op mobiliteit. Volgens de raad heeft de voorkeur voor de auto te maken met veranderingen in de samenstelling van de bevolking en de manier waarop mensen in het leven staan.
Zo zal de babyboomgeneratie ook na hun pensioen gebruik blijven maken van de auto. Onder allochtonen heeft de auto een hoge status. Jongeren stellen hoge eisen aan informatie. Digitaal communiceren past bij hun belevingswereld. Met name in het openbaar vervoer worden hierbij veel kansen gemist.
De raad adviseert de overheid en vervoerbedrijven daarop in te spelen door intensief gebruik te maken van ICT-toepassingen, gemak te bevorderen en keuzemogelijkheden te bieden. 
 
Rotterdam Water City
Het miljoenenpubliek dat de World Expo “Better City, Better Life” in Shanghai gaat bezoeken, kan nu ook kennismaken met het paviljoen ‘Rotterdam Water City’. In dit paviljoen is te zien hoe de deltastad waterveilig is en blijft ondanks een veranderend klimaat. Wethouder Bolsius (Haven, Financien, Buitenruimte en Organisatie) is vanaf het begin betrokken bij de realisatie van het paviljoen: “Ik ben erg trots dat we als Rotterdam op de World Expo aanwezig zijn. Op deze manier kunnen we de wereld laten zien dat we als Rotterdam de klimaatopgave daadkrachtig oppakken en tal van innovatieve oplossingen toepassen. Zo kunnen we de positie als klimaatstad versterken en de aandacht trekken van investeerders op het gebied van water- en deltatechnologie”. Klimaatadaptatie is een onderwerp dat nationaal en internationaal steeds meer aandacht krijgt. Door het programma Rotterdam Climate Proof (onderdeel van Rotterdam Climate Initiative dat zich richt op 50% CO2-reductie en 100% klimaatbestendigheid in 2025) is Rotterdam een inspirerend voorbeeld voor andere deltasteden. Daarnaast maakt het deze stad aantrekkelijk voor bedrijven, kennisinstituten en toeristen. In het Rotterdamse paviljoen worden 1.5 miljoen bezoekers verwacht.
 
Minder ambtenaren
Gemeenten zullen het de komende jaren met duizenden ambtenaren minder moeten doen. Vanwege de crisis moeten de nieuwe colleges van burgemeester en wethouders fors bezuinigen. Daarbij snijden ze als eerste in de eigen organisatie en de inhuur van externe adviseurs.
Dit blijkt uit onderzoek van NOSnet dat sinds de gemeenteraadscampagne van begin dit jaar regelmatig vragen stelt aan ongeveer 160 lokale politici. Breda grijpt ook fors in, maar volgens VVD-fractievoorzitter Dijkhoff gaat het daarbij niet uitsluitend om een bezuinigingsslag. 'Er ligt een idee aan ten grondslag: het moet kleiner en krachtiger.' Volgens onderhandelaar Kuin van Abvakabo FNV zouden gemeenten allereerst moeten bezuinigen op de duurdere ingehuurde krachten die 18 procent van de arbeidskrachten bij een gemeente beslaan. Gedwongen ontslagen zal Abvakabo FNV in elk geval niet accepteren omdat de komende jaren veel ambtenaren met pensioen gaan. Volgens politicoloog Peter Castenmiller valt nog heel veel te winnen met ICT-oplossingen. 'De kost gaat hier voor de baat uit. Je hebt bestuurders met lef nodig die dergelijke investeringen durven te doen in crisistijd.'
Column
Wonen in je eigen natuurgebied?
Nico Beun, InnovatieNetwerk
 
Burgers spelen bij plattelandsvernieuwing als consument en recreant een belangrijke rol. Ik verwacht dat burgers de komende jaren op het platteland ook nog meer en andere rollen gaan spelen. Eén daarvan zal zijn: burgers die zelf architect en beheerder van natuur en landschap worden. Dat gebeurt nu natuurlijk al door mensen die zoveel financiële middelen hebben dat ze eigenaar kunnen zijn of worden van bijvoorbeeld een landgoed. Maar ook mensen met een veel minder goed gevulde portemonnee gaan in de toekomst directe verantwoordelijkheid dragen voor het ontwikkelen en beheren van natuur en landschap. Dat kan bijvoorbeeld via de weg van het concept ‘Nieuwe Marken’. InnovatieNetwerk werkt bij de ontwikkeling van het concept en de eerste stappen naar concrete praktijktoepassing samen met bureau Stroming en ARK.
 
Stel je voor een groep burgers koopt gezamenlijk een gebied van minimaal 50 hectare landbouwgrond. Zij kopen het van boeren tegen agrarische waarde. De nieuwe eigenaren ontwikkelen het tot een nieuw, streekeigen en openbaar toegankelijk natuurgebied. Beheer en onderhoud nemen zij voor hun rekening. De samenleving krijgt op die manier ‘gratis’ een nieuw natuurgebied. Als tegenprestatie mogen er op die 50 hectare maximaal 25 wooneenheden ontstaan binnen randvoorwaarden die de betrokken overheden stellen.
De vraag is natuurlijk of dat allemaal wel kan en of we het willen. Financieel kan het, zo wijzen berekeningen uit. Of we het willen is een zaak van burgers en overheden samen.
 
Het perspectief dat op deze manier in het verschiet ligt, is het verhogen van de kwaliteit en toegankelijkheid van natuur en landschap en tegelijkertijd tegemoet te komen aan de vraag naar betaalbaar buiten wonen. Een impuls voor de ruimtelijke kwaliteit en de toegankelijkheid die in dit geval nu eens niet door overheden betaald en geregisseerd wordt maar door burgers zelf kan worden gerealiseerd. Een dergelijke sprong vooruit is op veel plekken in Nederland hard nodig.
 
 
Stelling:
Efficiënte landbouw en recreatie gaan niet samen
 
 
Pauline van Rijckevorsel, Kenniscentrum Recreatie
Efficiënte landbouw in de 'oude zin van het woord' associeer ik met grootschaligheid; grote percelen die het oorspronkelijke landschap weggevaagd hebben, rechte wegen, megastallen en grote kasgebieden. Een dergelijke omgeving is niet aantrekkelijk voor de recreant. Die geniet vooral van authentieke cultuurlandschappen, natuur of aantrekkelijke recreatiegebieden.
 
Wanneer we efficiënte landbouw in de betekenis van 'meebewegen met een veranderende omgeving en daarmee een boterham blijven verdienen' definiëren, dan gaan landbouw en recreatie wel goed samen. Dat zien we vooral in die agrarische gebieden dicht bij de stad waar boeren hun omgeving benutten en gebruiken als nieuw afzetgebied van verbrede diensten zoals verkoop van streekproducten, excursies, kleinschalige logies en horeca, recreatieactiviteiten. De boer als ondernemer in de stedelijke omgeving met 'genieten van buiten' als product.  
 
Naam Emiel van den Berg, Groenjournalist
Het klinkt behoorlijk tegenstrijdig, efficiënte landbouw en recreatie, maar het is wonderlijk te bemerken dat beide goed samengaan. Zelfs in een volgepropt land als Nederland en ondanks dat de nadelen van efficiënte landbouw algemeen bekend zijn.
 
Wie goed de ogen open houdt, vindt in Nederland nog volop prachtige natuurparken. Denk alleen al aan alle waterwingebieden. Stuk voor stuk parels voor recreatie. Gelukkig stijgt de aandacht voor al die natuurgebieden. Belangrijk, want zolang het bevolkingsaantal in Nederland blijft groeien, zullen we met de in ons land resterende ruimte moeten stoeien. 
 
Jack Luiten Naam, LTO Nederland
Onzin, want die twee kunnen heel goed samen. Dat gebeurt ook al volop. Het is goed als recreanten en passant met eigen ogen kunnen zien hoe moderne landbouw wordt bedreven. Aan de andere kant kunnen boeren en tuinders nog beter inspelen op wensen van consumenten uit de nabije omgeving. In de sfeer van natuur- en landschapsbeheer gaan boeren trouwens een belangrijker rol spelen. Dat biedt ondernemers nieuwe kansen. Dat geldt ook voor samenwerkingsverbanden aan de rand van de stad. Alleen land- en tuinbouwproducten voortbrengen biedt veel kleine bedrijven, die trouwens vaak ook efficiënt worden gevoerd, meestal onvoldoende toekomstperspectief. Het is niet voor niets dat in het westen van het land twee van drie agrarische ondernemers er ‘iets’ bij zijn gaan doen. Dat zit vaak in de hoek van recreatie.’